KAARSEN
Het branden van kaarsen is bijna net zo oud als de mensheid zelf, tenminste vanaf de kennis
van het vuur. De oorsprong van het kaarsenbranden ligt dan ook bij de aanbidding van het vuur. Het vuur was voor hen zo sterk, het gaf hen warmte, licht en het bood bescherming tegen wilde dieren of stammen. Het vuur gaf zelfs hun eten een betere smaak.
Vuur is één der elementen waaruit de stoffelijke wereld is opgebouwd, het is een krachtig wapen en de drijfveer van de verdere ontwikkeling van de mens. Daarom is het ook een krachtbron die we terugvinden tijdens rituelen en religieuze ceremoniën, (de bijbel laat ons zien dat God verschillende keren verschijnt in de vorm van vuur) bij betoveringen en vervloekingen.
Rituelen met kaarsen, ... iedereen heeft wel als kind eens kaarsjes uitgeblazen met zijn verjaardag of kaarsen gebrand tijdens de adventperiode. Tijdens het branden van kaarsen wordt het onderbewuste bevrijdt van zijn schaduwen - door de bevrijding van het licht -.
Je mag nooit vergeten dat je steeds bezig bent in Goddelijke liefde en licht. Met deze gedachte in het achterhoofd, werk je steeds mee aan het Goddelijk plan. Wie werkt in het teken van licht en liefde zal eeuwig het licht hebben.
Als we dan inderdaad een ritueel gaan uitvoeren, moeten we ook aandacht hebben voor het soort van kaars. Hou er wel rekening mee dat je werkt met dezelfde grootte van kaars, kleur en geur wordt gekozen in funktie van het ritueel.
Bij het aansteken van de kaars let je erop dat je de lucifer eerst widdershins rond de kaars draait om de negatieve energie te verbranden dan breng je met een deosiele beweging de positieve energie erin.
Nu is het ook grootendeels de gedachte die achter het branden van een kaars zit die de grootste invloed zal hebben. In het Oosten bijvoorbeeld branden mensen hun kaarsje in een klein kommetje gevuld met plantaardige olie en een wiek houdt het geheel brandende, hier wil ik enkel mee aantonen dat de gedachte erachter het allerbelangrijkste is.


